De opleiding

Zweefvliegen is een sport met veel hoogtepunten. Stap voor stap raak je in die wereld thuis. Steeds is er het stralende gevoel dat je een persoonlijke prestatie verbeterd hebt en direct daarna begin je al weer te denken aan de volgende uitdaging, beter, verder, hoger of nog sneller. Deze sport blijft voor de beginner en de gevorderde vlieger altijd fascineren. De zweefvliegopleiding bestaat uit drie delen. EVO, VVO-1 en VVO-2.

Elementaire Vlieg-Opleiding (EVO)

De praktijkopleiding voor een beginnend zweefvlieger begint met het krijgen van instructie in een tweezitter, de zogenaamde DBO-opleiding (dubbele besturingsonderricht). Dit is de opleiding van de eerste start in een tweezitter tot de eerste solovlucht. Tijdens deze fase worden de oefeningen van de elementaire vliegopleiding (EVO) doorlopen. Iedereen doet de zweefvliegopleiding in eigen tempo. De meeste zweefvliegers zijn het eerste jaar hoofdzakelijk bezig met de EVO-opleiding.

Voortgezette Vlieg-Opleiding-1 (VVO-1)

Wanneer je de eerste solovlucht gemaakt hebt begint de voortgezette opleiding voor het zweefvliegen (VVO-1). De VVO-1  beschrijft de lessen van de eerste solovlucht tot en met het praktijkexamen. De meeste zweefvliegers zijn hier het tweede jaar van hun zweefvliegopleiding mee bezig. De VVO-1 leidt op voor het praktijkexamen. Daarnaast moet je ook een theorie-examen doen als voorbereiding op het praktijkexamen. Als dit behaald is, krijgt men het Glider Pilot's license (GPL).

Glider Pilot License (GPL)

Net als bij het rijbewijs moet je voor het zweefvliegbewijs (GPL) een theorie- en een praktijkexamen doen. GPL betekent: Glider Pilot's license. Dat is de internationale naam voor het zweefvliegbewijs.

Na het behalen van het GPL komen zaken, zoals conversie naar een volgend type, passagiersvliegen en de eerste prestatie- en overlandvluchten in beeld. Voor veel zweefvliegers is dit het mooiste onderdeel van de sport.

Buienradar

Sponsor


Steunmijnclub.nl